Geplaatst in Geen categorie

1.4 Waarom e-mail je werkdag bepaalt

De inbox als agenda van andere

Je bent er net in. 
Koffie staat klaar.
Je hebt jezelf beloofd om vandaag die ene belangrijke taak als eerste aan te pakken.

En dan open je je mail.

Twintig minuten later zit je in drie verschillende mail conversaties, heb je twee vragen beantwoord die eigenlijk niet urgent waren, en is de taak waarvoor je zo gefocust wilde beginnen alweer naar morgen verschoven.

Herkenbaar?

Het begint al bij het opstarten.

Voor veel onderwijsprofessionals is e-mail het eerste wat ze openen als ze beginnen. En eigenlijk ook het laatste. Tussendoor ook. En tijdens vergaderingen stiekem op de telefoon.

Dat is begrijpelijk. 
E-mail voelt productief. 
Je reageert, je bent beschikbaar, je houdt de boel draaiende. 

Alleen: het werk dat je zelf wilt doen, het werk dat jij hebt bedacht en gepland, dat schuift langzaam opzij. 
Niet omdat je lui bent of slechte keuzes maakt. 
Maar omdat de inbox een oneindige stroom van andermans prioriteiten is.

Elke mail is in feite een verzoek.

Iemand anders heeft besloten dat er iets van jou nodig is.
En zodra je die mail opent, ben je bezig met hún agenda.

Voor leerkrachten én directeuren, maar net even anders

Dit speelt voor beide groepen, al verschilt de vorm.

Als leerkracht is je inbox misschien wat stiller overdag, simpelweg omdat je voor de klas staat en niet aan je telefoon hangt. 
Maar voor en na school, in de pauze, soms zelfs ’s avonds: dan ben je toch je mail aan het bijhouden. En de grenzen tussen school en thuis vervagen zo zonder dat je het bewust besluit.

Als directeur of teamleider is e-mail soms ook een verlengstuk van vergaderen. Een vergadering leidt tot vijf actiepunten, die leiden tot tien mails, die leiden tot drie nieuwe vergaderingen. 
Het ene voedt het andere. 

De inbox groeit niet vanzelf: hij wordt gevoed door de manier waarop jouw werkweek is georganiseerd.

Dat is een patroon dat de moeite waard is om even bij stil te staan.

Wat e-mail met je concentratie doet

Het probleem zit niet alleen in de hoeveelheid. Het zit in de onderbreking.

Je hersenen hebben tijd nodig om echt in iets te komen. 
Diep werk, de taken die er écht toe doen, lukt pas als je een tijdje ongestoord bezig kunt zijn. 
Zodra je tussendoor een mail ziet, zelfs als je hem niet direct beantwoordt, verbreken je hersenen de verbinding met waar je mee bezig was.

Dat kost meer energie dan je denkt.

Onderzoek wijst uit dat het na een onderbreking gemiddeld ruim twintig minuten kost om weer volledig geconcentreerd te zijn. 
Dat is niet niks als je de hele dag bereikbaar bent en elke twintig minuten je mail checkt.

De reflectie voor deze week

Kijk eens eerlijk naar je eigen gedrag rond e-mail. 
Niet om jezelf te veroordelen, maar gewoon om te zien wat er feitelijk gebeurt.

Schrijf voor jezelf op:

• Op welke momenten open ik mijn mail?

• Wat was ik van plan te doen voor ik mijn mail opende?

• Hoeveel van die plannen heb ik ook daadwerkelijk uitgevoerd?

Geen goede of foute antwoorden. Alleen eerlijke!

Want voordat je iets verandert, helpt het om eerst te zien wat er eigenlijk speelt.

In het vijfde thema over communicatie en focus gaan we praktisch in op het omgaan met e-mails.

Tot de volgende

In het volgende artikel gaan we een stap verder.

Want e-mail is maar één manier waarop je dag gevuld wordt door anderen. Er is nog iets wat minstens zo herkenbaar is, en wat misschien nog lastiger te doorbreken is.

“Heb je even?”

Die vraag kost je meer dan je denkt.

Wil je niks missen? Like en abonneer je dan via Substack.

En als je dit herkent, deel het dan met een collega. De kans is groot dat ze het ook kennen.

Geplaatst in Geen categorie

1.2 De verborgen werkdruk van het onderwijs

“Hoe is het?”

“ja… druk!”

We zeggen het makkelijk.
Tussen neus en lippen door.

In de koffiekamer.
Op de gang.
Aan het einde van de dag.

Maar als je even stil staat…

…is het eigenlijk een vreemd woord.

Druk.

Want wat bedoelen we daar precies mee?

Druk zit niet alleen in wat je doet

Want laten we eerlijk zijn.
Veel mensen werken veel uren.
Ook buiten het onderwijs.

En toch voelt het daar vaak anders.
Dus het zit niet alleen in de hoeveelheid werk.

Het zit in iets anders.

Iets wat minder zichtbaar is.
Maar wel continu aanwezig.

Het echte werk speelt zich onder de oppervlakte af

Een groot deel van de werkdruk in het onderwijs zie je niet.

Het zit niet in je agenda.
Niet op je takenlijst.
Niet in je rooster.

Het zit hier:

  • het gesprek dat je nog moet voeren, maar waar je tegenop ziet
  • die leerling waar je je zorgen over maakt
  • die ouder waar je het nét niet goed mee hebt afgerond
  • dat plan dat beter moet, maar waar je geen tijd voor hebt
  • dat gevoel dat je iets mist

Dat is werk.

Alleen staat het nergens.

En ondertussen draait je hoofd door.

Tijdens de les.
Tijdens een overleg.
Onderweg naar huis.

Je bent fysiek op één plek…
maar mentaal op tien.

En dat kost energie.

Meer dan we vaak doorhebben.

Altijd ‘aan’ staan

In het onderwijs sta je eigenlijk nooit helemaal uit.
Er is altijd iets dat aandacht vraagt.

Een blik van een kind.
Een opmerking van een collega.
Een situatie die je even moet oplossen.

En zelfs als de dag voorbij is…

…gaat het door.

In je hoofd.
In je gevoel.

Mijn eigen besefmoment

Ik dacht altijd dat werkdruk zat in “veel moeten doen”.

Totdat ik ging zien hoeveel er in mijn hoofd zat.

Niet alleen taken.
Maar ook gedachten.

Zorgen.
Ideeën.
Twijfels.
Herinneringen.

Alles door elkaar.

En nergens een plek.

Waarom dit zo vermoeiend is

Ons brein houdt niet van open eindjes.

Alles wat nog “iets moet” blijft terugkomen.
En nooit op het moment dat je er aan moet denken.

Alsof iemand zachtjes op je schouder blijft tikken.

“He… vergeet je mij niet?”

En nog een keer.
En nog een keer.

Tot je er iets mee doet.

Dit is de verborgen werkdruk

Niet alleen wat je doet.
Maar alles wat je met je meedraagt.

Dat maakt het zwaar.
Dat maakt het onrustig.
Dat maakt dat je soms aan het einde van de dag denkt:

“Ik ben kapot… maar ik weet niet eens precies waarvan.”

En toch ligt het niet aan jou

Dit is belangrijk.

Dit ligt niet aan jouw inzet.
Niet aan jouw kwaliteiten.
Het is een logisch gevolg van hoe we werken.

We houden alles in ons hoofd.
Omdat we denken dat dat moet.

Een klein experiment

Dus probeer dit eens.

Pak een moment op de dag.
En schrijf niet alleen je taken op…

…maar ook alles wat in je hoofd zit.

  • dingen waar je over nadenkt
  • dingen waar je je zorgen over maakt
  • dingen die je niet wilt vergeten

Alles.

Je gaat zien hoeveel er eigenlijk speelt.

En tegelijk…

…komt er ruimte.

Omdat het niet meer alleen van jou is.

Het staat ergens.

Tot de volgende

In de volgende Substack (nummer 3 van thema 1) gaan we het hebben over iets wat hier direct uit voortkomt:

Waarom je to-do lijstjes steeds langer worden…
zelfs als je keihard werkt.

In het derde thema van deze substack reeks ga ik heel concreet in op het inrichten van een takensysteem dat echt rust geeft.

Wil je niks missen?

Abonneer je dan op deze substack!

En als je het met plezier hebt gelezen, deel het dan vooral! Je helpt er waarschijnlijk iemand mee die dit ook herkent. Daarnaast help je mij om mijn missie waar te maken en nog meer mensen op weg te helpen naar meer GRIP in je werk en je leven.

Geplaatst in Geen categorie

1.1 Waarom je nooit klaar bent met werken.

“Ben je klaar voor vandaag?”

Het is een vraag die in het onderwijs eigenlijk niet bestaat.
Of beter gezegd…
het antwoord bestaat niet.

Want wanneer ben je klaar?

Na de laatste les?
Na die ene vergadering?
Na het beantwoorden van je mail?
Na het afronden van dat ene formulier?

Of pas als alles af is?

Precies.

Het moment dat het stil zou moeten worden

De kinderen zijn naar huis.
De rust keert terug in het gebouw.

En ergens is dat het moment waarop jouw tweede werkdag begint.

  • mails die je nog moet beantwoorden
  • gesprekken die je moet voorbereiden
  • plannen die nog geschreven moeten worden
  • dingen die vandaag zijn blijven liggen

En terwijl je bezig bent… komt er alweer iets bij.

Er komt altijd meer bij dan eraf gaat

Dat is misschien wel de kern.

Je werkt een lijstje af…
en ondertussen groeit het gewoon door.

Een mail leidt tot drie nieuwe acties.
Een overleg zorgt voor vijf nieuwe afspraken.
Een gesprek met een ouder brengt weer iets nieuws aan het licht.

Het werk stopt niet.
Het verplaatst zich.
En dus ga je door.

Nog even dit.
Nog even dat.

Tot het moment dat je denkt:
“Oké… nu stop ik.”

Niet omdat je klaar bent.
Maar omdat het genoeg is.

Dat knagende gevoel

En precies daar zit het.

Dat kleine stemmetje dat zegt:

  • “Je bent iets vergeten…”
  • “Dit had je eigenlijk nog moeten doen…”
  • “Morgen wordt weer zo’n dag…”

Dat gevoel van nooit echt afronden.

Niet klaar zijn.
Nooit helemaal.

Ik dacht dat dit normaal was
Heel lang dacht ik: dit hoort erbij.

Onderwijs is gewoon druk.
Leiderschap is gewoon veel.
Dit is nu eenmaal hoe het werkt.

Tot ik anders ging kijken.

Niet naar hoeveel werk er is.
Maar naar hoe ik ermee omga.

Wat ik begon te zien

Het probleem was niet dat het werk nooit ophoudt.
Het probleem was dat ik nergens echt “klaar” was.

Alles liep door elkaar.

Taken zaten in mijn hoofd.
In mijn mail.
In losse notities.
In gesprekken die nog een staartje krijgen.

En daardoor voelde alles belangrijk.
En alles urgent.

Een inzicht dat alles veranderde

Toen ik het boek GRIP las van Rick Pastoor viel er iets op z’n plek.

Je gaat nooit klaar zijn met je werk.

Nooit.

Niet in het onderwijs.
Niet in een leidinggevende rol.
Niet in een baan waarin je met mensen werkt.

En gek genoeg…

…was dat een opluchting.

En als je nooit “klaar” bent…
dan moet je iets anders gaan bepalen.

Niet: wanneer is alles af?
Maar: wanneer is het genoeg voor vandaag?

En dat is een hele andere vraag.
En misschien is dat wel even slikken.
Maar het is ook bevrijdend.

Want het betekent dat “klaar zijn” iets anders is.

Wanneer ben je dan wél klaar?

Je bent klaar als:

  • je weet wat er nog ligt
  • je hebt gekozen wat je vandaag doet
  • de rest ergens veilig staat

Niet in je hoofd.
Maar buiten je hoofd.

Een kleine eerste stap

Dus begin hier.

Aan het einde van je werkdag:

Schrijf op wat er nog ligt.

Alles.

Niet om het af te maken.
Maar om het een plek te geven.

Zodat het niet meer in je hoofd hoeft te blijven hangen.

En kijk dan eens wat er gebeurt.

Misschien ga je dit herkennen.

Dat je hoofd iets rustiger wordt.
Dat je denkt:
“Oké… het staat ergens.”

En dat je voor het eerst in lange tijd voelt:

Ik ben niet klaar met mijn werk…
maar wel klaar voor vandaag.

Tot de volgende

In de volgende substack ga ik je meenemen in iets wat hier direct onder zit.

Want als het werk nooit ophoudt…
waar komt die werkdruk dan écht vandaan?
En waarom voelt het soms zwaarder dan het eigenlijk is?

Wil je niks missen?

Abonneer je dan op deze substack!

En als je het met plezier hebt gelezen, deel het dan vooral! Dat helpt mij om mijn missie waar te maken en nog meer mensen op weg te helpen naar meer GRIP in je werk en je leven.